Placeholder Picture

Heem en Museum, Dorp 64, 2382 Poppel (gem. Ravels)

home
< Terug
Tekens en afkortingen
Placeholder Picture

Heemkunde- en Erfgoedvereniging
Nicolaus Poppelius vzw

Bourgondisch Tijdvak (1405-1482)

A. Antoon Van Bourgondië (1405-1415)
Antoon had zijn studiën gedeeltelijk aan de Priorij van Korsendonk gedaan te Turnhout. Hij was hertog van Bourgondië en Brabant en heer van Turnhout als neef en erfgenaam van Joanna van Brabant. Tijdens zijn regering werd een belangrijke beslissing genomen: Dendermonde werd geruild tegen Weelde met toebehoorten.

1. De ruilingsakte van 2 mei 1407.
Jan Zonder Vrees, graaf van Vlaanderen ruilt met Antoon van Bourgondië, hertog van Brabant, Dendermonde tegen Weelde en rescoort van den tweeden meij lestleden bij mangelinge tegen Dermonden hebben verkregen de heerschappije van Weelde met syne toebehoorten ende resorten welke dus lange aen den graefschappe van vlaenderen heeft toebehoort, ende wy aengesien die groote diensten, die onse goede Lieden, ende ondersaeten van Weelde altijt hebben bewezen aen onse voorderen, ende voorsaeten Hertogen ende hertoginnen van Brabant, soo ist dat wy te weten doen alle diegene die desen brief sullen sien, lesen ofte hooren lesen dat wy uyt goeden gonsten, ende vrinschappe die wy tot hun draeghen ende hebben gegeven ende geconsenteert ende bevestight ende alsulcke previlegien poincten ende vryheden als sy van onse geseyde voorderen ende voorsaeten van saligen gedachtenisse ofte ook van de graven van vlaenderen vercregen hebben die selve te houden, te hebben ende te gebruyken dewelke wy hun voor ons, onse oirs ende naercomelingen geloven ende sweiren tehouden ende doen houden vast ende sonder breecken tot eeuwigen daghe ende des oirconde hebben wij onsen segen aen desen brief doen hangen gegeven tot Brussel op den vijfden dagh van Juli int jaer ons Heere 1407."
Men kan zich de zaak als volgt voorstellen. Na de dood van Jan III van Brabant (1355), die opgevolgd werd door zijn dochter Joanna en Wenceslaus van Luxemburg, ontketende de graaf van Vlaanderen, Lodewijk van Male, een opvolgingsoorlog, waarin Brabant verslagen werd. Door de vrede van Aat (4 juni 1357) gingen de heerlijkheid Mechelen en de stad Antwerpen met afhankelijkheid over aan Vlaanderen Wellicht is Weelde mede overgegaan met Antwerpen. Slechts in het begin der 15e eeuw kon Brabant, onder de Boergondiërs, opstaan uit zijn verval van na 1350. En in 1407 ontstond er dan een overeenkomst tussen de gebroeders (verdrag te Quesnois), waardoor Jan Zonder Vrees zijn rechten op Brabant, Limburg en de stad Antwerpen afstond aan zijn broeder Antoon. Wellicht houdt de ruiling van Weelde met Dendermonde daarmee verband. Ze valt immers voor in 't zelfde jaar en tussen dezelfde Heren, die er beiden slechts baat konden bij hebben dat Weelde en Dendermonde elk tot hun natuurlijke landsheer behoorden en niet tot het gebied van een verafwonende heer. Aldus moet Weelde, steunend op deze gegevens, van 1357 tot 1407 van Vlaanderen afgehangen hebben.

2. Behoud van previlegies en vrijheden.
Uit dezelfde akte blijkt dat bij deze gelegenheid de overheden er aan houden, Weelde te bevestigen in de "...previlegien, poincten en vrijheden als sij van onse geseyde voorderen ende voorsaeten van saliger gedaghtenisse, ofte ook van de graven van Vlaenderen verkregen hebben." Zij beloven van hun kant al de vrijheden "ten eeuwigen daghe" na te komen.

B. De opvolgers van Antoon Van Boergondië (1415-1482)
Uit deze periode beschikken wij over weinig gegevens. Wij stippen hier slechts aan hoe Gramaye ons meldt dat Weelde in 1479, dat tot nu behoorde tot de meierij 's Hertogenbosch, kwartier Oosterwijk, overging naar het kwartier Turnhout distrikt Antwerpen.
Toelating voor het planten van bomen op de gemeentegronden (1453)
Op 22 oktober 1453 geeft Filips de Goede de toelating om bomen te planten in de vroente en gemeentegronden: "... dat elck van onse goede luyden, binnen den palen van hunne vroente en gemeynten geseten, binne heure vroente ende gemeynten tachentich voeten verre ter elver gemeyntewaerts inne sal mogen setten ende poten alderhande boomen; eicken ende andere, en de andere en die aldaer houden staende ende wassende af te bouwen, vertimmeren, breecken, vercoopen ofte andersints in sijnen oirboir besteden, ende andere wederom setten ende poten, also dicwijls ende menich werve als hun dat sal gelieven ende goet duncken..." Dit is weer een van de maatregelen, die in de loop der tijden werden uitgevaardigd betreffende de gemene gronden en hun gebruik.